Overzicht van alle tuintaken voor rozemarijn (kruiden), met per taak het juiste moment.
Actuele maand: Augustus
Wat moet je nu doen in je tuin?
Jaarkalender
Het hele tuinjaar voor rozemarijn in één blik. Een maand kan meerdere fasen dragen — die staan dan naast elkaar in dezelfde cel.
| Rozemarijn | J | F | M | A | M | J | J | A | S | O | N | D |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Fase |
- Zaaien / opkweken
- Planten
- Verzorgen
- Oogsten
- Opruimen
Botanische naam en rassen
Salvia rosmarinus (voorheen Rosmarinus officinalis) (Lamiaceae (lipbloemenfamilie))
- 'Miss Jessopp's Upright' — De opgaande standaard in de handel hier, groeit stevig rechtop tot ruim een meter en heeft lichtblauwe bloemen. Kreeg de Award of Garden Merit van de RHS. De vorm die zich het best als lage haag of als losse struik laat scheren, en de logische keuze als je hem in de volle grond wilt.
- Gewone rozemarijn (soort, zonder cultivarnaam) — Wat de meeste tuincentra hier gewoon als Rozemarijn verkopen. Tuinadvies.be houdt het op 60 tot 70 cm hoog, violetblauwe bloei in mei en juni, matig winterhard tot ongeveer -12 graden. Prima plant, maar vraag bij aankoop waar hij vandaan komt: kweekgoed uit een koud land is hier doorgaans harder dan een plant die net uit een zuidelijke serre komt.
- 'Blue Rain' — Lage, afhangende vorm van ongeveer 20 cm met zachtblauwe bloemen, volgens de fiche van Tuinadvies.be. Mooi over de rand van een pot of een muurtje. Hangende vormen zijn meestal gevoeliger voor vorst dan de opgaande, dus houd hem in een pot die je kunt verplaatsen.
- 'Capri' — Nog lager, rond 15 cm, lilablauw en opvallend laat: Tuinadvies.be geeft bloei van september tot november. Leuk als je bijen tot laat in het jaar iets wilt geven. Ook dit is een kruipvorm, dus pot en beschutting.
- 'Foxtail' en 'Rosea' — Twee RHS-selecties met een tuinwaarde-onderscheiding die je hier bij gespecialiseerde kruidenkwekers vindt, niet zomaar in elk tuincentrum. 'Foxtail' vormt een lage, boogvormige koepel met lichtblauwe bloemen, 'Rosea' groeit rechtop en bloeit lichtroze.
Maand-per-maand kalender
Januari
- Beschermen — Loop na een vriesperiode langs: ligt de bescherming er nog, en staat een pot niet in zijn eigen smeltwater? Klop zware sneeuw van de dennentakken. (Nog niet snoeien. Wat er nu bruin uitziet, kan in april alsnog uitlopen.)
Februari
- Oogsten — Knip een takje of twee voor de stoofpot of de ovenaardappelen. (Hij is wintergroen, dus je kunt het hele jaar door plukken. Alleen niet echt insnoeien in deze maanden.)
Maart
- Beschermen — Haal de winterbescherming er op een zachte, bewolkte dag geleidelijk af en kijk meteen in het hart van de plant of er niets schimmelt. (Leg de doek binnen handbereik. De laatste vorst valt hier soms pas eind april.)
April
- Planten — Plantmaand: nieuwe planten de grond of de pot in, op de zonnigste en droogste plek die je hebt. (Op klei of in een natte hoek: verhoogd bed of pot, anders begin je er niet aan.)
Mei
- Snoeien — Nu hij duidelijk uitloopt, knip je de takken die het niet meer doen terug tot in groen hout. (Kras eerst met je nagel in de bast om te zien of een tak echt dood is. En nooit in kaal oud hout zagen.)
Juni
- Snoeien — Zodra de laatste blauwe bloemen weg zijn: elke scheut een derde korter, en houd de struik bol. (Het snoeisel is meteen je oogst en je stekmateriaal.)
Juli
- Opkweken — Neem stekken van 8 tot 10 cm van niet-bloeiende scheuten en zet ze in potgrond met veel scherp zand. (Ook als je plant er goed bij staat. Na zeven à acht jaar wil je een opvolger klaar hebben.)
Augustus
- Oogsten — Grote oogst om te drogen: knip op een droge ochtend zodra de dauw eraf is en hang de takken in bundels op een donkere, warme, luchtige plek. (Na half augustus stop je met hard insnoeien, zodat de nieuwe scheuten nog kunnen afrijpen.)
September
- Wieden — Maak de voet van de plant vrij van gras en onkruid, tot op de grond. (Een schone voet droogt na een bui veel sneller op, en daar draait de hele overwintering om.)
Oktober
- Opruimen — Leg 3 tot 5 cm grof grind of split rond de stam en zet potten tegen een muur onder de dakrand, uit de regen. (Geen compost of houtsnippers als mulch. Die houden precies het water vast dat je kwijt wilt.)
November
- Beschermen — Leg dennentakken en een vliesdoek klaar, en gebruik ze zodra er een echte vriesperiode wordt aangekondigd. (Bij een lichte nachtvorst van een paar graden hoef je nog niets te doen.)
December
- Beschermen — Zet potten dicht bij elkaar tegen een muur en wikkel ze in bubbelfolie of een oude deken, of breng ze naar een vorstvrije plek met licht. (In een pot bevriest de kluit langs alle kanten. Dat is een heel ander verhaal dan in de volle grond.)
Verzorging
- Grond/pH: Kalkminnend tot neutraal, ongeveer pH 6,5 tot 7,5. Kalk in de grond is geen probleem, integendeel. Wat hij echt niet verdraagt is een bodem waar het water blijft staan: op zware klei of in een laag gelegen hoek plant je hem in een verhoogd bed of in een pot, met grof grind of scherp zand door de grond gewerkt. Een handvol tuinkalk om het jaar op zure zandgrond kan geen kwaad.
- Zon/schaduw: Volle zon, en dan echt volle zon: minstens zes uur direct licht per dag, het liefst tegen een zuidmuur of naast een terras dat warmte vasthoudt. In halfschaduw groeit hij ijl en lang, smaakt het blad flauwer en komt hij de winter veel moeilijker door. Onder een boom of aan de noordkant heeft het geen zin.
- Water: De eerste zomer na het planten ongeveer 5 liter per week bij aanhoudende droogte, en dan liever een keer flink dan elke dag een scheutje. Vanaf het tweede jaar hoeft een rozemarijn in de volle grond hier helemaal geen water meer, ook niet in een droge zomer. In een pot ligt het anders: die droogt echt uit, dus voel met je vinger en geef water zodra de bovenste 3 tot 4 cm potgrond droog aanvoelt. Laat nooit water in de onderzetter staan, ook niet in de zomer. Te veel water is bij deze plant een grotere doodsoorzaak dan te weinig.
- Plantafstand: Minstens 45 tot 50 cm tussen twee planten, zodat de lucht er na een bui doorheen kan. Voor een laag haagje van een opgaande cultivar mag je naar 35 tot 40 cm, maar dan snoei je hem elk jaar. In een pot: minstens 30 cm breed en 30 cm diep, met ruime gaten in de bodem en een kwart grof grind of scherp zand door de potgrond.
- Bemesting: In de volle grond niets. Hij doet het aantoonbaar beter op arme, stenige grond dan op rijk bemeste tuingrond, en stikstof geeft slappe, waterige scheuten die als eerste bevriezen. Compost rond de voet leggen is hier dubbel fout: te veel voeding en te veel vocht tegen de stam. Alleen een plant die langer dan een jaar in dezelfde pot staat, krijgt eind mei of begin juni een handje trage organische korrelmest, want potgrond raakt wel uitgeput.
Goede en slechte buren
Companion planting in de klassieke zin, een buurplant die de plaag van de ander wegjaagt, levert bij rozemarijn weinig op. Zijn enige echte insect, het rozemarijngoudhaantje, eet net zo goed de lavendel en de salie ernaast, dus samenzetten helpt daar niet tegen en apart zetten evenmin. Kies buren dus op standplaats en niet op afweer: alles wat mee wil in volle zon, arme stenige grond en zonder gieter. Dat is meteen het meest praktische advies dat er is, want de meeste rozemarijn in Vlaanderen sterft niet aan een plaag maar aan een buur die water kreeg. Over de reputatie van rozemarijn als afweerplant tegen de wortelvlieg bij wortelen en kolen: veel tuiniers zetten hem daarvoor neer en de geur is er sterk genoeg voor, maar overtuigend proefwerk heb ik er niet voor gevonden. Doe het gerust, maar reken er niet op als enige maatregel.
Ziekten en plagen
Rozemarijngoudhaantje (Chrysolina americana)
Symptomen: Een glanzende kever van 6 tot 7 mm met metaalglanzende paarse en groene lengtestrepen, en grijswitte larven van ongeveer 8 mm met donkere strepen. Ze vreten aan blad en bloemen; de naaldjes worden afgeknabbeld tot korte stompjes met een grijsbruine verkleuring. Het beestje is het actiefst van augustus tot in april, precies wanneer je er het minst naar kijkt. Ook lavendel, salie en tijm staan op het menu.
Bio-remedie: Houd een stuk krant of een lichte doek onder de struik en schud of tik tegen de takken: kevers en larven laten zich vallen en die raap je op. Doe dat een paar avonden na elkaar, dan heb je het gros te pakken. Spuiten heeft geen zin en is bovendien schadelijk, want je raakt de bijen die op de bloei afkomen.
Voorkomen: De RHS zegt het onomwonden: bestrijden is meestal niet nodig, want een gezonde plant lijdt er niet onder en het kevertje hoort bij de biodiversiteit van een tuin. Controleer wel het plantgoed dat je koopt, want zo komt hij meestal binnen. Zie je hem, kijk dan meteen ook je lavendel na.
Wortelrot door natte voeten
Symptomen: De plant of een hele tak wordt in de loop van de winter grijsgroen en dan bruin, terwijl de naaldjes gewoon blijven zitten. Hij ziet er uitgedroogd uit terwijl de grond klam is, en dat is precies het verwarrende eraan. Trek je hem los, dan zijn de wortels donker, week en zonder witte puntjes. Komt bijna altijd na een natte winter of uit een pot met een volle onderzetter.
Bio-remedie: Zijn de wortels weg, dan valt er niets meer te redden: geen middel haalt dat terug. Neem stek van een tak die nog groen en stevig is, en begin opnieuw op een betere plek. Trek de dode plant uit en werk grof zand of grind door de grond voor je er iets nieuws zet.
Voorkomen: Dit is de belangrijkste van allemaal. Op klei of in een natte hoek: verhoogd bed of pot. Nooit dieper planten dan hij stond. Mulchen met grof grind of split, niet met compost of houtsnippers. Potten voor de winter uit de regen zetten en de onderzetter weghalen. En geen gieter meer vanaf het tweede jaar.
Vorstschade en wintervernaling
Symptomen: Naaldjes die vanaf de top van de scheuten grijsbruin verkleuren, en in maart hele takken die dood blijven terwijl de rest gewoon uitloopt. Vaak het ergst aan de kant waar de oostenwind vandaan komt. De oorzaak is niet alleen de kou: droge vrieswind verdampt water uit het wintergroene blad terwijl de wortels in bevroren grond niets kunnen aanvoeren.
Bio-remedie: Niets doen tot de plant in april of mei uitloopt, want dan pas zie je wat er echt dood is. Knip daarna het dode terug tot in groen hout. Zaag nooit in kaal oud hout zonder naaldjes: rozemarijn loopt daar niet meer uit en je houdt een lelijke stomp over. Blijft er minder dan de helft over, vervang hem dan door een stekplant.
Voorkomen: Beschutte plek uit de oostenwind, het liefst tegen een muur. Dennentakken of een vliesdoek bij een aangekondigde vriesperiode. Niet meer hard snoeien na half augustus en niet bemesten in de nazomer, want zachte late scheuten vriezen als eerste kapot.
Schimmel en rot onder de winterbescherming
Symptomen: Je haalt in maart de doek weg en het ruikt muf. In het hart van de struik zit grijs pluis, er kleven zwartgeworden naaldjes aan elkaar en hele takken laten los bij de aanhechting. De buitenkant kan er nog prima uitzien.
Bio-remedie: Bescherming er meteen af, aangetaste takken eruit knippen tot waar het schoon en groen is, en de plant open maken zodat er lucht en licht bij komt. Voer het snoeisel af, laat het niet onder de struik liggen. Daarna gewoon laten opdrogen en afwachten of hij uitloopt.
Voorkomen: Gebruik ademende materialen: dennentakken, vliesdoek of een jutezak. Nooit plastic of noppenfolie over de plant zelf, alleen om de pot. Leg de bescherming los aan zodat de lucht erdoor kan, en haal hem eraf zodra de vriesperiode voorbij is in plaats van hem de hele winter te laten liggen.
Oogst en onderhoud
Rozemarijn is wintergroen, dus je kunt strikt genomen het hele jaar door plukken, en dat is meteen zijn grootste voordeel in de keuken. De beste smaak zit in de jonge scheuten van mei tot september, want dan is het gehalte aan etherische olie het hoogst. Knip hele scheuten van 10 tot 15 cm af, altijd in het bebladerde deel en nooit in kaal hout, en neem ze van verschillende kanten zodat de struik in model blijft. Meer dan een vijfde van de plant per keer is te veel. Van oktober tot april pluk je gerust een takje voor een stoofpot, maar snoei je er niet echt in: alles wat daarna uitloopt is te zacht voor de vorst. Wil je een voorraad drogen, dan komt het op de timing van de dag aan. Velt raadt aan te plukken op een droge dag zodra de dauw is opgedroogd en voor de zon op zijn hoogst staat, want dan zijn de vluchtige oliën nog niet verdampt. Was de takken niet. Hang ze in losse bundels op of leg ze op een rekje op een donkere, warme, niet vochtige plek en keer ze af en toe. Ze zijn klaar wanneer de naaldjes knisperen tussen je vingers. Rits daarna de blaadjes van de houtige steeltjes en bewaar ze in een gesloten bokaal uit het licht: zo houd je ongeveer een jaar goede smaak, daarna verwatert het. Invriezen kan ook en gaat sneller: hele takjes in een zakje, of fijngesneden blad met wat olijfolie in een ijsblokjesvorm, klaar om zo in de pan te gooien. Verse takjes blijven in een zakje in de koelkast een tot twee weken bruikbaar. Voor een kruidenolie gebruik je gedroogde rozemarijn en geen verse, want vers blad brengt vocht mee en dan bederft de olie. Voor kruidenazijn mag vers wel. En de houtige, kale steeltjes gooi je niet weg: die maken uitstekende spiesjes voor op de barbecue.
Bronnen
- De plantenfiche van Tuinadvies.be noemt rozemarijn matig winterhard, met een grens rond -12 tot -10 graden, en adviseert hem bij strenge vorst af te dekken met bijvoorbeeld dennentakken; verder geeft de fiche een hoogte van 60 tot 70 cm, bloei in mei en juni, een zonnige standplaats en een droge, kalkhoudende bodem: https://www.tuinadvies.be/planten/kruiden/rosmarinus-officinalis/rozemarijn/
- De teeltgids van de Royal Horticultural Society zet het plantmoment in het voorjaar zodra de grond opwarmt, vraagt volle zon en doorlatende grond met een verhoogd bed of een pot op zware grond, houdt 45 cm plantafstand aan, geeft aan dat gevestigde planten tot ongeveer -8 graden komen en bij strenge vorst afgedekt moeten worden, dat je na de bloei licht snoeit en nooit in oud hout, en dat een plant na zeven tot acht jaar het best vervangen wordt: https://www.rhs.org.uk/herbs/rosemary/grow-your-own
- Velt rekent rozemarijn bij de mediterrane keukenkruiden die volle zon en een arme, stenige bodem willen, en waarschuwt dat je hem niet moet combineren met kruiden als lavas die net schaduw en een frisse, voedselrijke grond vragen: https://www.velt.nu/kruiden
- De Velt-tip over zomerkruiden oogsten en bewaren zegt dat je op een droge dag plukt zodra de dauw is opgedroogd, omdat de vluchtige oliën verdampen zodra de zon op zijn hoogst staat, en dat kruiden met veel etherische olie zoals rozemarijn zich uitstekend laten drogen op een donkere, warme en niet vochtige plaats: https://www.velt.nu/tip/zomerkruiden-oogsten-en-bewaren
- De RHS-fiche over het rozemarijngoudhaantje (Chrysolina americana) beschrijft de kever van 6 tot 7 mm met metaalglanzende paarse en groene strepen, de grijswitte larven van 8 mm, de vraat aan blad en bloemen die vooral van augustus tot april speelt, en het advies dat bestrijding meestal niet nodig is omdat gezonde planten er geen schade van ondervinden: https://www.rhs.org.uk/biodiversity/rosemary-beetle
Tuintaken voor rozemarijn
Verwante planten
Wil je per seizoen precies weten wat te doen in jóuw tuin? → Bekijk de Seizoenpas